Written by 19:33 Speerpunten

Can we use neuroimaging data to differentiate between subgroups of children with ADHD symptoms: A proof of concept study using latent class analysis of brain activity

Auteur Avin Ghedri, 6e jaars geneeskunde student Universiteit Utrecht, UMC Utrecht

ADHD als compensatiemechanisme?

ADHD wordt gediagnosticeerd volgens de DSM-V criteria en wordt traditioneel onderverdeeld in subgroepen op basis van het gedrag en de overheersende symptomen. Voor onderzoek binnen de psychiatrie, wordt vanuit deze kliniek terug geredeneerd en onderzocht naar hoe het dan zit op neurobiologisch niveau, via bijvoorbeeld neuro­imaging technieken. 

Wat was de onderzoeksvraag?

In deze innovatieve “proof of concept” studie hebben de onderzoekers het als het ware omgekeerd: eerst kijken naar de hersenactiviteit via neuroimaging, en dan pas bekijken welke kliniek daarbij hoort. Hierbij hebben ze vooral gekeken naar hersengebieden voor beloningsgevoeligheid, en verwachting van timing. Het onderzoek was ‘data driven’, wat betekent dat ze geen vooraf opgestelde hypothesen hadden maar direct aan de slag gingen met de data, waarop een statistische methode werd losgelaten ( latent class analysis: LCA).

Hun onderzoeksvraag was daarbij drieledig: 

1) Is het mogelijk om homogene subgroepen van kinderen met symptomen van ADHD te identificeren op basis van patronen van hun hersenactiviteit via LCA? 

2) Wat zien we als we het (klinische) gedrag van deze geïdentificeerde subgroepen vergelijken met elkaar? 

3) Wat zien we als we de neurobiologische en neuropsychologische uitkomsten van deze subgroepen met die van gezonde controles vergelijken? 

Waarom is het belangrijk?

Met het motto “the brain does not read DSM”, is binnen de psychiatrie een paradigmaverschuiving bezig waarbij aangeraden wordt om op een andere manier onderzoek te doen. Onderzoek de hersenen op basis van juist die eigenschappen waarvan wij vermoeden dat zij dichter bij de biologie staan, en niet op basis van classificaties en criteria die zijn bedacht door ons. Zo hopen we ziektebeelden zoals we die nu kennen, beter te kunnen definieren in de toekomst. 

Wat hebben ze gedaan?

De onderzoekers hebben functionele MRI (fMRI) data en vragenlijsten gebruikt van twee eerdere studies waarin beloningsgevoeligheid en verwachting van beloning werden getest via verschillende opdrachten.  Deze data was afkomstig van 87 rechtshandige jongens met de leeftijd van 8-12 jaar; 56 jongens met symptomen van ADHD en 31 kinderen zonder deze symptomen als controlegroep.  Met behulp van LCA is gekeken welke subgroepen op basis van de data gemaakt konden worden. 

Wat zijn de uitkomsten?

Zoals de vragen, is ook het antwoord drieledig: 

1) Neuroimaging data kunnen inderdaad gebruikt worden voor het identificeren van subgroepen binnen een groep kinderen met symptomen van ADHD, maar de generaliseerbaarheid was beperkt door de kleine onderzoeksgroep.  Er konden twee ADHD-subgroepen worden geidentificeerd op basis van de neuroimaging data. 

2) De interessantste bevinding van dit onderzoek  is dat ADHD-subgroep 1 lagere hersenactiviteit vertoonde dan subgroep 2, terwijl subgroep 2 juist meer ADHD gerelateerde symptomen hadden in de kliniek. Een verklaring van de auteurs is dat ADHD gezien kan worden als compensatiemechanisme; kinderen in subgroep 2 zijn meer op zoek naar externe stimuli om te compenseren voor de verminderde hersenactiviteit. Dit uit zich in het gedrag. 

3) Een bevestiging van de uitkomsten van de eerdere studies; waarin de klinische symptomen van kinderen met ADHD-symptomen werden vergeleken met gezonde controles, werd hier gezien. Er waren minder symptomen in de gezonde controles. 

Wat betekent dit voor de kliniek en de wetenschap?

Voor de wetenschap betekenen deze resultaten dat het zeker de moeite waard is om grotere longitudinale studies hiernaar op te zetten.  Helaas zijn de resultaten van dit onderzoek niet generaliseerbaar door de kleine onderzoekspopulatie De kliniek, en dus ook de patiënten, kunnen hier vooralsnog niks mee.  

Wat zijn de volgende stappen?

Een logische volgende stap zou zijn om dit onderzoek in een grotere groep te herhalen. Door een andere focus van de hoofdonderzoekers, is dit onderzoek er echter niet gekomen. Wel wordt wereldwijd in mondjesmaat onderzoek gedaan naar “ADHD als compensatiemechanisme”. De onderzoekers van dit onderzoek zijn verder gegaan met ene meer maatschappelijk-filosofische insteek: de aard van diagnostische labels zoals bijvoorbeeld ADHD. En zo zien we maar weer: onderzoek brengt je van het een naar het ander en het is nooit te voorspellen wat de volgende stap wordt. 

(Visited 4 times, 1 visits today)
Close